Verordening (EU) nr. 1007/2011 legt vast welke namen voor textielvezels moeten worden gebruikt en hoe de samenstelling op etiketten en merken wordt getoond. Zij geldt sinds 8 mei 2012. De verordening zegt waarvan een product is gemaakt. Op zichzelf is die vermelding geen milieuclaim, en zij is niet het digitaal productpaspoort.
Textielproducten die op de markt van de Unie worden gebracht, hebben een etiket of merkteken nodig met de vezelsamenstelling, in de vezelnamen uit de bijlagen. Alleen die namen mogen worden gebruikt voor de vezels die de bijlagen dekken. Een marketingnaam kan de vezelnaam niet vervangen. Percentages volgen de verordening, ook hoe een product met meerdere vezels wordt beschreven en welke kleine onderdelen mogen worden weggelaten. Het etiket moet duurzaam, leesbaar, zichtbaar en toegankelijk zijn, zodat een koper het vóór aankoop kan lezen. Online verkopen heft de plicht niet op. De samenstelling moet bij de verkoop beschikbaar zijn.
Lidstaten handhaven de verordening. Een verkeerde vezelnaam, een ontbrekend percentage of een samenstelling die niet bij het product past, kan een etiketteringsfout zijn ook als de verkoper geen groene claim deed. Afhankelijk van de rol kunnen de producent, het merk of de retailer die het product op de markt brengt verantwoordelijk zijn. Invoer valt eronder. De officiële tekst is CELEX 32011R1007. Een bedrijf dat etiketten drukt, haalt de spelling van een vezelnaam uit de officiële bijlagen.
Een herziening van de textieletikettering wordt al enkele jaren besproken. Er is geen opvolger vastgesteld. Tot een nieuwe verordening iets anders bepaalt, volgen vezelnamen en samenstellingsetiketten Verordening (EU) nr. 1007/2011. Controleer de officiële tekst op een latere wijziging. Milieuwoorden naast de vezelregel zijn een andere vraag, gedekt door de EmpCo-richtlijn. Een juist katoenpercentage maakt het woord duurzaam niet geoorloofd.
